Als je ook maar een klein beetje wijzer wilt worden en wat
meer inzicht wilt krijgen, dan zul je allereerst moeten leren
om eerlijk naar jezelf te kijken. Want de échte levenswijsheid ontstaat daar, waar mensen de moed hebben om kritisch
naar zichzelf te kijken. Maar hoe doe je dat eigenlijk?
Van oudsher worden er eenvoudige, maar doeltreffende oefeningen doorgegeven om jezelf te leren kennen, en om
je ego en je zintuigen als het ware opnieuw op te voeden.
Bij dergelijke oefeningen leer je bovendien ook nog eens
je eigen karma op het spoor te komen, en zodoende
inzicht te krijgen in de diepere achtergronden van je leven.
Ook leer je eerlijk waar te nemen, wanneer je eigen onvolkomenheden op een ander projecteert en leer je die projecties terug te nemen. Een belangrijke les, want hoeveel
relaties gaan nu juist door dergelijke projecties kapot!
Eerlijk kijken naar jezelf: het maakt ons bewust wie wij
eigenlijk zijn, uit welke werelden wij afkomstig zijn en wat
wij komen doen op aarde. Daarnaast krijgen wij zicht op
ons eigen geweten en leren wij hoe wij ons geweten sterker
kunnen maken. En wanneer je dit alles ook nog eens doet
met humor en liefde, dan worden de oefeningen die je
leren eerlijk naar jezelf te kijken een vrolijk spel, maar wel
een spel, dat de aller diepste en allerheiligste kracht in
onszelf aan het licht brengt: de Geest.
Hans Stolp
De vraag van Michaël
De grote Aartsengel Michaël vraagt aan ons:
durf je het aan om eerlijk te kijken naar jezelf ?
Heb je de moed om de weg naar binnen te gaan
en onder ogen te zien wat je daar aantreft?
Durf maar, herhaalt Michaël,
want alleen dan zal je geestelijk kunnen groeien.
Alleen dan zal je kunnen worden die je ten diepste bent.
Durf maar en ga. Ik sta naast je op die weg.
Gehoor gevend aan de oproep van Michaël
gaan wij, zijn leerlingen, de weg naar binnen.
We maken ons de gevoelens bewust die in ons leven.
We leren onze emoties te benoemen, ze te doorleven
om ze dan los te kunnen laten.
Alleen zo kunnen wij immers geestelijk groeien?
We leren ons de gevolgen van onze woorden en daden
bewust te worden. Zo worden wij ons bewust van ons
toekomstige karma en leren we zorgvuldig te handelen,
wetend van de gevolgen.
We worden ons bewust van alle dualiteiten in het leven
en ontdekken onze eenzijdigheid. De een is meer een
dromer, de ander een realist. De een is gul, de ander
spaarzaam. De een heel open, de ander juist gesloten.
We beginnen te beseffen: de enig juiste weg is de weg
van het midden! En die weg, de weg van het midden, zo
ontdekken we, is de weg van Christus die op Golgotha
aan het kruis tussen twee misdadigers hing.
Zo leren we hoe we Christus kunnen volgen in dit leven.
Hoe verder we komen, hoe rijker de weg naar binnen
wordt: we leren er een plek van stilte kennen, ons hoger
zelf of de innerlijke Christus.
We leren kijken tot voorbij de buitenkant,
We leren vrede uit ons diepste zelf te putten.
Maar het grootste geschenk op deze weg is onze groei
in liefdeskracht en het inzicht hoe we de geest op aarde
geboren kunnen laten worden.
Zo worden wij op deze weg tot dienaar van Michaël.
Inleiding:
Waarom is het eigenlijk zinvol om eerlijk naar jezelf
te leren kijken?
We gaan in deze tijd de drempel over en krijgen verbinding
met de geestelijke wereld: BDE’s, engelen, contact met
gestorvenen en Christuservaringen worden steeds gewoner.
Door deze ervaringen wordt een hele nieuwe geestelijke
groei mogelijk.
De groei die dan ontstaat, schenkt ons achtereenvolgens
het vermogen van:
*beeldend denken of helder leren zien, imaginatie genoemd;
*helder horen, wordt inspiratie genoemd, denk aan de
apostel Johannes op Patmos,
*helder voelen, wordt intuïtie genoemd.
Kortom: geestelijke groei is in deze tijd noodzakelijk om met
de geestelijke wereld op de juiste wijze te leren omgaan.
Het is de grote Aartsengel Michaël die het gordijn ook wel
De sluier van Isis genoemd, opentrekt en ons aanspoort de drempel over te gaan. Sinds 1879 is hij de regent of inspirator
van onze tijd, tot omstreeks 2300.
Bij elke drempelovergang verschijnt de kleine wachter:
Heb je geestelijk al het niveau bereikt dat nodig is om deze
nieuwe wereld binnen te gaan? Zo niet, dan komt al het onverwerkte vuil naar boven. Vergelijk bijvoorbeeld wat er
gebeurt tijdens de midlife crisis: hoe minder iemand verwerkt
heeft, hoe groter de problemen waarin hij terecht komt.
Om verbinding met de geestelijke wereld te krijgen,
hebben we geestelijke ogen en oren nodig. Die ontstaan
alleen als wij ons geestelijk ontwikkelen. De mol heeft ogen
die nauwelijks iets zien en zo klein als speldenknopjes zijn.
Hij heeft die ogen dan ook niet nodig, omdat hij onder de
grond leeft. Zou hij bovengronds leven, dan zouden door
de inwerking van het zonlicht die ogen steeds krachtiger,
groter en werkzamer worden.
Zo kunnen ook wij nu, doordat het licht van de geestelijke
wereld over de aarde begint te stralen, geestelijke oren en
ogen ontwikkelen. Maar daarvoor is het gaan van de weg
van geestelijke groei noodzakelijk.
We leven in de tijd waarin ons vanuit de geestelijke
wereld de opdracht wordt gegeven om ons bewustzijn
te ontwikkelen. Anders gezegd: onze bewustzijnsziel.
Dankzij dit bewustzijn wordt geloven tot weten en leren
we een gevoeligheid te ontwikkelen voor dat wat achter
de buitenkant verborgen ligt.
Om die gevoeligheid te ontwikkelen moeten we de weg
naar binnen gaan. Alleen wie inzicht in zichzelf krijgt, krijgt
zicht op het eigenlijke, verborgen wezen van de ander.
Pas dan ook kunnen we leren kijken tot voorbij de
buitenkant van de gebeurtenissen die ons overkomen.
Ita Wegman vertelde over het sterfbed van Rudolf Steiner:
Het was duidelijk dat men hem nodig had in de
geestelijke wereld. Ook was duidelijk dat hij de geestelijke
wereld iets belangrijks te vertellen had dat alleen hij kon
meedelen.
Nadenkend over deze indrukwekkende uitspraak wordt
duidelijk: de ware kennis is die, die je uit eigen ervaring
hebt opgedaan. En dat is de enige kennis die telt in de
geestelijke wereld. Om je deze kennis bewust te worden
is het gaan van de inwijdingsweg noodzakelijk.
1. De basis-oefening:
– Kijk naar binnen wat daar leeft aan gevoelens en emoties.
– Leer die emoties te benoemen (moeilijker dan je denkt:
wat voel je nu eigenlijk?
– Laat de emoties door je heengaan zonder er door
meegesleept te worden en doorvoel ze.
Dieren staan van oudsher symbool voor onze driften.
Denk aan de ark van Noach: de mens draagt allerlei
emoties met zich mee.
Zie ook Genesis 2:20, waar over Adam verteld wordt:
En Adam gaf namen aan al het vee, aan het gevogelte
des hemels en aan al het gedierte van het veld. Deze tekst
wil dus zeggen dat Adam zich zijn emoties bewust wordt
en leert benoemen.
In het Evangelie van Thomas lezen we eveneens over een
leeuw, en ook hier staat de leeuw symbool voor onze driften:
Zalig is de leeuw die door de mens wordt gegeten, en de
leeuw zal mens worden. En vervloekt is de mens die door
de leeuw wordt gegeten en de mens zal leeuw worden.
Laat je je door je driften (de leeuw) meeslepen, dan verlies
je je menselijkheid. Maar als je je woede omvormt tot een
hogere kracht van zelfbewustzijn, wordt de leeuw menselijk.
Deze eerste oefening op de weg van geestelijke groei die
ons leert eerlijk te kijken naar onszelf, leert ons dus onze
emoties te beheersen.
Belangrijk daarbij is dit: als je de emoties van de ander
bijvoorbeeld woede en boosheid, beantwoordt met emoties
van jouw kant, wordt het oorlog.
Het gaat er, zeker in deze tijd, dus om geestelijk zo sterk
te worden dat je boven je emoties staat, en boosheid niet
met boosheid beantwoordt.
2. Je toekomstige karma bewust worden
Het woord karma betekent daden of handelingen.
Alles wat we doen en laten heeft gevolgen voor de toekomst. Boeddha zegt: Wil je weten hoe je volgende leven er uit zal
zien, kijk dan naar wat je in dit leven doet, zegt of nalaat.
Karma wordt in het westen vaak negatief opgevat in de zin
van schuld, straf en zonde. Zo is het niet bedoeld! Het wil
simpel zeggen: word je bewust van de consequenties van
je daden. Dan zal je zorgvuldiger handelen!
Drie reeksen van karmische patronen als voorbeeld
De eerste reeks:
1. Een leven lang liefde aan anderen schenken leidt
in het volgende leven hier toe:
2. Vreugde en liefde van anderen mogen ontvangen,
zodat je een gezegend leven hebt. Dat leidt in een
daarop volgend leven tot deze levenshouding:
3. Een leven zonder vooroordelen, waarin je begrip hebt
voor iedereen.
De tweede reeks ziet er zo uit:
1. Leven in een sfeer van plicht, fatsoen, gewoonte.
Dat leidt tot:
2. Een leven waarin anderen niet geïnteresseerd zijn in jou,
en jij niet in hen. En dat leidt weer tot dit volgende leven:
3. Een leven waarin je geen raad met jezelf en dat je als
zinloos ervaart.
De derde reeks ziet er zo uit:
1. Een leven waarin je veelvuldig roddelt, antipathie koestert
naar sommige mensen en zelfs sommige mensen haat.
Dat leidt tot dit volgende leven:
2. Een leven waarin je pijn en leed ervaart. En dat leidt weer
tot dit leven: Een leven waarin domheid en botheid de
overhand heeft.
3. Zicht op de zevenjaarsfasen in je leven
1 – 7 jaar: opbouw fysieke lichaam
7 – 14 jaar: opbouw etherische lichaam
14 – 21 jaar: opbouw astrale lichaam
21 – 28 jaar: opbouw gewaarwordingsziel
28 – 35 jaar: opbouw verstands- en gemoedsziel
35 – 42 jaar: opbouw bewustzijnsziel
42 – 49 jaar: keuzejaren: je wordt of onbaatzuchtig,
of een tiran.
Spiegelt fase 14 – 21 jaar,
49 – 56 jaar: jaren van wijsheid, dankbaarheid en harmonie.
Spiegelt fase 7 – 14 jr.
56 – 63 jaar: fysiek lichaam wordt brozer: geestelijke
krachten belangrijker. Intuïtie! 0 – 7 jr.
63 – 70 jaar: Laat het kind in je opstaan; laat goedheid van
je uitgaan; leef in verwondering.
70 – 77 jaar: Laat schoonheid van je uitgaan, straal rust uit
en medeleven.
77 – 84 jaar: Wees rechtvaardig en wees je bewust van de
zin van je leven.
Eerlijk kijken naar jezelf houdt ook in dat je naar binnen
kijkt en je bewust maakt of je de opgave vervult van de
zevenjaarsfase waarin je nu verkeert.
4. Aan de slag met antipathie!
In de aardse wereld heerst dualiteit.
Dus ook die van sympathie en antipathie.
Na de dood leren we die te overwinnen.
Maar het is de bedoeling dat we hier op aarde al
de eerste stappen daartoe leren zetten.
Hoe ontstaat op aarde eigenlijk die antipathie?
Door de vervuiling van onze zintuigen, zoals onze ogen
en onze oren. We zien vaak eerst het negatieve in de
ander en bijten ons daarin vast.
Daarom is een heropvoeding van onze zintuigen
noodzakelijk, zodat we leren ons te richten op het goede
in de ander, ofwel op het goddelijke in de ander.
Daarvoor is de oefening tot vergeving-in-het-klein zinvol:
a. Registreer hoe je kijkt of luister naar de ander.
Zie hoe je zintuigen zich richten op het donker.
b. Begin je dan bewust en geduldig aan te leren om
je eerst te richten op het positieve in de ander.
c. Daarna mag je je richten op het donker in de ander.
Meestal til je daar nu veel minder zwaar aan en heb je
niet langer de behoefte om dat te benadrukken.
Zo leer je om het donker te omhullen met het goede;
de lichtkracht). Hoe langer je deze oefening volhoudt,
hoe meer je beseft dat je al doende zelfs vergeet om
stil te staan bij het donker in de ander.
d. Het juiste midden.
Op aarde is alles dualiteit:
• Er bestaan dus twee uitersten; twee kwaden!
In de bijbel worden die uitersten zo genoemd: Satan en
de Duivel. In het Esoterisch Christendom: Ahriman en
Lucifer.
• Het gaat dus om de weg van het midden, die het midden
houdt tussen Ahriman en Lucifer.
Dat is de weg van Christus.
• Daarom hangt Jezus Christus op Golgotha tussen twee
misdadigers!
• Een heel belangrijke dualiteit is die tussen verharding,
verdringing en zelfbeklag. Deze dualiteit zegt iets over
de manier waarop we omgaan met de pijn van het leven;
Dromer – Realist
Levensgenieter – Zwartkijker
Slordig – Precies
Mild – Streng
Open – Gesloten
Toegeeflijk – Koppig
Gul – Spaarzaam
Voorzichtig – Uitdagend
Mannelijk – Vrouwelijk
6. Vrijheid en betrokkenheid
• Vrijheid is essentieel in onze tijd:
• Het is een voorwaarde om de weg naar binnen te kunnen
gaan;
• Vrijheid maakt het ons mogelijk innerlijk bewust te worden
– en dus in onszelf tot voorbij de buitenkant te leren kijken.
Net zo leren we bij anderen te kijken tot voorbij
de buitenkant. Dit nieuwe vermogen noemen we onze
bewustzijnsziel. Zo gezien is vrijheid dus noodzakelijk om ons
bewustzijn(sziel) te ontwikkelen.
• Vrijheid is ook nodig om ons op de weg naar binnen
uiteindelijk bewust te worden van ons hoger zelf: de diepste,
goddelijke bron in ons!
Terzijde: de weg naar binnen maakt ons wel egocentrisch of
egoïstisch. En dus moeten we nu leren dat egoïsme te
overwinnen en ons op een nieuwe manier met anderen te
verbinden.
• In onze tijd vallen oude houvasten weg, zoals kerken en
vakbonden. Ook familiebanden worden losser dan vroeger. Dat
schenkt ons de noodzakelijke vrijheid, maar:
• Maar ook van deze ontwikkeling geldt: het is wel nodig om
nieuwe verbindingen te leren leggen: verbindingen in, en
dankzij de geest!
• Altijd weer bij zo’n stap in geestelijke groei (twee vooruit, één
achteruit) zijn er andere groepen die juist de patronen van het
verleden willen vasthouden en die dus het belang van
familiebanden, groepsbanden enzovoort benadrukken.
7. Al doende word je dienaar van de Geest
Dat houdt in dat je – hoe verder je vordert op de weg naar
binnen – steeds beter gaat zien hoe de Geest op aarde
geboren kan worden:
a) In onszelf.
Dat heeft alles te maken met de incarnatie van de kosmische
Christus in de mens Jezus van Nazareth, bij de doop in de
Jordaan. Toen Jezus Christus stierf aan het kruis, werd de
Christus op aarde geboren. Sindsdien zoekt hij de harten van
de mensen om daar als hun hoger zelf of de geest werkzaam
te kunnen worden.
De mens heeft vele gaven gekregen:
– zijn fysieke lichaam op de eerste incarnatie van
Moeder Aarde (de oude Saturnus),
– zijn etherische lichaam op de tweede incarnatie van
Moeder Aarde (de Oude Zon),
– zijn astrale lichaam op de derde incarnatie van
Moeder Aarde (de Oude Maan),
– en nu, op de vierde incarnatie van Moeder Aarde
(de huidige aarde) heeft hij zijn lagere ik of ego
ontvangen.
Maar de mens was niet in staat op te klimmen naar de
geestelijke wereld en naar God, om daar zijn hogere zelf
op te halen. Daarom daalde Christus naar de aarde af
om hem zijn hoger zelf aan te reiken.
Aan de mens die werkt aan zichzelf worden de krachten
van het hoger zelf beetje bij beetje geschonken,
ingedruppeld, wordt dat wel genoemd.
b) In de aarde: de Christus werd de geest van de aarde en
wil nu op alle gebieden op aarde werkzaam worden.
Overal worden voorzichtige pogingen gedaan om
dat mogelijk te maken, bijvoorbeeld in de biologisch-
dynamische landbouw, in de homeopathische of
antroposofische gezondheidszorg, enzovoort.
c) In de relaties van mensen tot elkaar: als we echt
luisteren naar elkaar, elkaar respecteren en liefhebben,
wordt de geest werkzaam tussen ons.
Als dienaar van de Geest hebben we de opdracht om de
werkzaamheid van de geest in onszelf, op aarde en tussen
ons mogelijk te maken.
