Nieuwetijdskinderen, de voorboden van een nieuwe tijd

Hoe de energie van nieuwetijdskinderen

op hun ouders uitwerkt

De geboorte van een nieuwetijdskind leidt

tot een transformatieproces van de ouders

Steeds vaker hoor ik verhalen van ouders van

nieuwetijdskinderen, waarin zij aangeven dat

hun leven begon te veranderen vanaf het

moment van de geboorte van hun kind.

Soms, vertellen zij, begon die verandering zelfs

al kort na de conceptie van het kind.

Natuurlijk brengt de komst van elk kind in een gezin

een grote verandering teweeg: het kind staat in het

centrum van de aandacht en vraagt van de ouders

om voorlopig even af te zien van zichzelf om de taken

te kunnen volbrengen die nu eenmaal horen bij de

verzorging van een pasgeborene. Die verzorging vergt

zoveel tijd en inzet dat het gewone leven van de ouders,

in ieder geval tijdelijk, helemaal op zijn kop komt te staan.

Toch is dat het niet, wat de ouders mij met hun verhalen

duidelijk willen maken.

Wat zij ervaren hebben is iets anders: het is, vertellen zij,

alsof er mét hun kind allerlei energieën meekomen die

sterk op hen, de ouders, inwerken en die hen

onontkoombaar in een transformatieproces brengen.

Dat transformatieproces heeft dan altijd te maken met

‘worden die je eigenlijk bent’.

Het is alsof ineens alle innerlijke muurtjes om beginnen

te vallen, alsof er een sterke aandrang voelbaar wordt om

nu eens te leren jezelf, open en kwetsbaar te zijn.

Ook voelen zij een onontkoombare aandrang om vanuit

het hoofd af te dalen naar het hart en om hun gevoelens

eerlijk onder ogen te zien en die serieus te nemen en ze

niet langer weg te denken.

Daarnaast zijn er ouders die vertellen over een stroom

van zogenaamde toevalligheden die hen sinds de

geboorte van hun kind begon op te vallen.

Het zal duidelijk zijn dat de ouders in het begin zelf niet

kunnen begrijpen wat er nu eigenlijk met hen gebeurt

en wat er aan de hand is. Ze merken alleen maar dat er

vanbinnen van alles gebeurt, dat allerlei onbekende

gevoelens en emoties naar boven komen en dat ze

langzamerhand de controle over zichzelf en over de

gewone gang van zaken beginnen te verliezen.

Pas veel later beginnen ze dat plotselinge proces

te begrijpen en te herkennen. En dan zien ze ineens dat

dit op de een of andere manier samenhangt met hun

pasgeboren kind.

Het zal ook duidelijk zijn dat nogal wat ouders die met

een dergelijke ervaring geconfronteerd worden,

problemen krijgen met elkaar.

Het lijkt wel alsof alle onvrede die ze een leven lang

hadden weggestopt, ineens naar boven komt.

Voor sommige ouders is hun partner degene op wie zij

die onvrede, dikwijls onbewust, projecteren.

Daarom gebeurt het vaker, gelukkig niet altijd, dat de

geboorte van een nieuwetijdskind leidt tot een breuk

tussen de ouders. Dat is voor velen wel een schokkende

en diep ingrijpende ervaring: ze begrijpen eigenlijk

helemaal niet wat er met hen vanbinnen gebeurt,

ze hebben het al zo druk met hun kind, en nu krijgen ze

ook nog problemen met elkaar. Hoe is dit alles mogelijk?

Met name de uitgesproken nieuwetijdskinderen,

zoals de kristalkinderen, nemen een ander, hoger bewustzijn

met zich mee. Velen zeggen dat de verschillende groepen

nieuwetijdskinderen elkaar opvolgen en steeds krachtiger

op hun omgeving inwerken.

Het begon met de nieuwetijdskinderen en de indigo kinderen.

Daarna hoorden we over de sterrenkinderen. Vervolgens weer

over de kristalkinderen. En de laatste tijd, zo wordt gezegd,

komt er alweer een nieuwe groep nieuwetijdskinderen naar

de aarde: de regenboog kinderen.

Al deze kinderen komen uit een bepaalde geestelijke wereld

die hen het nieuwetijdsbewustzijn dat hen eigen is, meegeeft

en het hen mogelijk maakt dit bewustzijn op aarde

uit te dragen.

Het sterkst is dat bewustzijn bij de laatste groepen:

de kristalkinderen en de regenboogkinderen.

Bij hen is dat nieuwetijdsbewustzijn geworden tot een

specifieke, omvormende nieuwetijd energie die zij vanuit

de geestelijke wereld met zich mee naar de aarde nemen:

het omhuld hen en draagt hen op hun tocht naar de aarde,

en het is die energie die transformerend op de ouders

begint in te werken om ook hen naar een ander, hoger

bewustzijn te verheffen.

Leonardo da Vinci schilderde ooit het beroemde portret

van de Mona Lisa. Het schilderij is zo beroemd vanwege

de mysterieuze glimlach van de afgebeelde vrouw,

Mona Lisa. Was zij misschien zwanger?

Zelf zie ik namelijk iets van deze zo bijzondere glimlach

terug in het gezicht van praktisch elke zwangere vrouw:

het lijkt wel of het komende kind met zijn energieën inwerkt

op de ziel en het hart van zijn aanstaande moeder.

Volgens de esoterische traditie ís dat ook zo: de energieën

die het komende kind naar de aarde dragen, werken, samen

met de beschermengel van het kind, transformerend op de

moeder in. En het zijn dan ook deze energieën, die de

geheimzinnige, wetende glimlach op haar gezicht leggen.

Ik noem dit voorbeeld om daarmee duidelijk te maken dat

het eigenlijk iets heel gewoons is, dat met een kind ook

heilige energieën vanuit de geestelijke wereld meekomen

en een zekere uitwerking op de moeder hebben.

De energieën echter die de kristalkinderen en

regenboogkinderen in deze tijd meenemen, zijn veel sterker,

en hebben niet alleen op de moeder, maar vaak ook op de

vader een krachtige inwerking. Deze inwerking leidt er

uiteindelijk meestal toe dat moeder en/of vader spiritueel

ontwaken en geestelijk bewust worden. Soms brengt het

beide die bewustwording, maar vaker slechts een van hen

beiden.

Deel II: Het transformatieproces van de ouders

De transformatie die het nieuwetijdskind als vanzelf

bij de ouders bewerkt, begint heel eenvoudig:

dit omvormingsproces wil de ouders allereerst milder

maken en begrip bij hen wakker roepen voor mensen,

zoals het nieuwetijdskind zelf, die anders in het leven

staan, anders denken, anders voelen en anders geloven

of weten.

Dat is overigens niet eens zo’n gemakkelijke opgave:

een dergelijk begrip vergt namelijk van de ouders om

niet langer hun ego als maatstaf voor hun handelen

en denken te nemen, maar de stille kracht van het

hoger zelf.

Het ego vindt namelijk alle mensen die anders zijn,

maar vreemd en zelfs gevaarlijk.

Het hoger zelf daarentegen verheugt zich in de heel

eigen wijsheid en kleurigheid van de ander.

Deze opgave, die op het eerste oog zo eenvoudig

lijkt, vergt in werkelijkheid een geduldig en volhardend

werken van de ouder aan zichzelf: alleen dat maakt de

stap vanuit de sfeer van het ego naar de sfeer van het

hoger zelf mogelijk.

Al die emoties, de verwarring en de chaos, waarmee

het transformatieproces begint, hebben op het oog:

dat de ouder aan zichzelf gaat werken en op die

manier geestelijk begint te groeien.

Het omvormingsproces dat het nieuwetijdskind bij

de ouders oproept, leidt daarnaast als vanzelf tot een

tweede opgave: om te leren luisteren naar wat het

kind over de toekomst duidelijk weet te maken.

Met zijn hele wezen, zijn manier van denken en van

reageren op bestaande situaties laat het nieuwetijdskind

zien hoe de mensheid zich in de nabije toekomst zal

gaan ontwikkelen. Het laat bijvoorbeeld met zijn gedrag

regelmatig zien dat het maar weinig op heeft met de

huidige manier van opvoeden en onderwijs, zoals dat

op de meeste scholen van tegenwoordig gebruikelijk is.

Ze laten daarnaast zien dat ze niet tegen holle

autoriteiten kunnen: je moet niet een autoriteit spelen,

maar het van binnenuit zijn. Ook maken ze bijvoorbeeld

duidelijk dat ze zich alleen op een creatieve en speelse

manier kunnen ontwikkelen en alleen maar met het hart

kunnen leren. En al dat materialisme en die geldzucht

van tegenwoordig: het nieuwetijdskind vindt dat totaal

onbelangrijk en vind het veel belangrijker om je in te

zetten voor de liefde.

In al deze dingen belichaamt het nieuwetijdskind in

zekere zin al de nieuwe mens die in deze tijd geboren

wil worden: de mens die meer en meer leeft vanuit de

sfeer van het hoger zelf, en steeds minder in de sfeer

van het ego. De mens ook die niet langer in de sfeer

van “hebben” wil leven, maar in de sfeer van het “zijn.”

Van de ouder wordt daarbij gevraagd om leerling van

het kind te willen zijn, zo goed als het kind trouwens

in andere opzichten de leerling van de ouder(s) is.

Het nieuwetijdskind vergt dus van de ouder de

bereidheid om in gelijkwaardigheid en

wederkerigheid aan elkaar te groeien en te

ontwikkelen.

Voor de nieuwetijdskinderen zelf is die

gelijkwaardigheid vanzelfsprekend en zij begrijpen

de ouders niet die hen op de ‘oude’ manier willen

opvoeden: autoritair, zonder echt te luisteren,

en zonder zelf kwetsbaar te zijn.

Een vierjarige jongen zei tegen zijn moeder: de vorige

keer was ik jouw moeder, nu ben jij mijn moeder.

Het zijn dergelijke opmerkingen, waarmee een kind

de principiële gelijkwaardigheid tussen ouders en

kind duidelijk maakt: toevallig is de een nu het kind

en de ander de moeder, maar eerder was dat precies

omgekeerd, en ook in de toekomst zullen die rollen

steeds weer wisselen. Wie dat werkelijk beseft, gaat

met meer eerbied en met een sterker gevoel voor

gelijkwaardigheid met het kind om.

Als ouders bereid zijn met hun hart naar hun kind

te luisteren, zullen ze langzaam ook zelf een gevoel

ontwikkelen voor wat er allemaal veranderen moet in

onze samenleving, wil deze geschikt zijn voor de

kinderen van een nieuwe tijd.

Wanneer ze dat eenmaal in het oog krijgen, zullen ze

hun kind daardoor ook de zinvolle opvoeding kunnen

geven, waarop het hoopt, en waarom het die ouders

heeft uitgekozen. Het kind wist immers dat deze

ouders tot een dergelijke vorm van écht luisteren in

staat zouden zijn en daardoor in staat zullen raken

hem volmondig te ondersteunen bij het vervullen van

de opdracht, waarvoor hij naar de aarde gekomen is.

Dat het transformatieproces, waarin ouders van een nieuwetijdskind soms terecht komen, niet eenvoudig is,

maken de ouders op alle mogelijke manieren duidelijk.

De één zegt bijvoorbeeld: Ik ben mijn leven opnieuw

aan het uitvinden. Een uitspraak waarmee ze duidelijk

maakt dat het omvormingsproces ook werkelijk heel

ingrijpend is en raakt aan de fundamenten van haar

leven.

Een ander zegt: Niets is meer zoals het was en alles

begin ik in een ander licht te zien. Ook een dergelijke

uitspraak benadrukt de heftigheid van het proces.

Het gaat om de opbloei van de liefde.

De uitgesproken nieuwetijdskinderen hebben een

passie voor rechtvaardigheid, voor waarheid en voor

fair play.

Let er maar eens op, hoe heftig ze kunnen reageren,

als iemand liegt en onwaarheid spreekt.

Let op hun reactie, als iemand niet eerlijk is of vals

speelt. Hoor, hoe fel ze reageren kunnen, als iemand

sjoemelt met de waarheid om zelf beter voor de dag

te kunnen komen: ze verdragen het gewoon niet.

Deze zin voor waarheid en eerlijkheid vormt als ik het

goed waarneem, de basis voor hun uitgesproken zin

voor liefde. Liefde is essentieel en onmisbaar voor een

nieuwetijdskind. Uiteindelijk willen ze dan ook, dat hun

ouders dat niet alleen begrijpen, maar dat deze zelf

ook met de kracht van hun hart doorvoelen, hoe

beslissend de liefde is.

Ik denk dat we mogen stellen dat het

transformatieproces, waarin ouders van

nieuwetijdskinderen steeds vaker terechtkomen,

gericht is op die liefde: alle emoties en gevoelens,

al die onmacht of kortzichtigheid die de volle

opbloei van de ware liefde in de weg staan, moeten

worden opgeruimd. Opdat de liefde zich ook in het hart

en in het leven van de ouders in al haar schoonheid kan ontvouwen.

Al deze overwegingen leiden dus tot het volgende inzicht:

voor nieuwetijdskinderen die zo afhankelijk zijn van hun

ouders en die zo haarscherp hun ouders aanvoelen, is het belangrijk dat hun ouders niet alleen begrijpen dat liefde

voor hun kind zo belangrijk is, maar dat hun ouders zelf

ook de ontvouwing van de liefde in hun eigen hart met

alle kracht nastreven.

Want dán kunnen de kinderen écht met hun ouders delen,

wat voor hen zelf zo allesbeslissend is.

Als nieuwetijdskinderen met ouders moeten leven die dit

niet vanbinnen uit begrijpen en respecteren, voelt dat

voor hen steeds weer, alsof hun vader en/of moeder hen

in de steek laat en hen in wezen heel alleen laat.

Ouders moeten hen toch helpen de weg in het leven

te vinden? Ouders zijn er toch om hen te bevestigen in hun verlangens, in hun eigenheid en in hun levensopdracht?

En hoe kunnen ze dat nu ooit waarmaken, als ze zelf niet

werkelijk vanbinnen uit de kracht van de liefde kennen?

Daarom mag je zeggen dat elk nieuwetijdskind in wezen

maar één vraag aan de ouders stelt: ben je bereid op zoek

te gaan naar de liefde in jezelf en ben je bereid de

ontvouwing van die liefde in je hart tot je hoogste

levensdoel te maken?

Natuurlijk beschrijf ik dit nu met de woorden en

inzichten van een volwassene: geen kind zal dat zo

zeggen. Maar dit is naar mijn diepste overtuiging,

wat ik nieuwetijdskinderen eigenlijk hoor zeggen

en wat ik van hen meen te verstaan.

Tot slot:

De boodschap van een ongeboren kind

Vaak leggen nieuwetijdskinderen al voor hun geboorte een verbinding met de moeder en soms ook met de vader.

Meestal gebeurt dat op zo’n stille manier, dat ouders het zich

niet bewust worden, maar even vaak worden ouders het zich

wel bewust. Zo geven sommige nieuwetijdskinderen tijdens de zwangerschap van hun moeder alvast de naam door die ze willen hebben. Dat doen ze in een droom, maar bijvoorbeeld ook zo,

dat een ouder plotseling vanbinnen een naam hoort, voelt of

weet, en tegelijk meteen weet: dát is de naam van mijn kind. Andere keren laten ze hun moeder alvast iets van hun wezen ervaren en dat is iets dat op vele moeders een diepe indruk maakt. Weer andere moeders voelen zich in de tijd van de zwangerschap als het ware ‘opgetild’, alsof ze in een andere sfeer, in een ander bewustzijn verheven worden. Ach, er zijn zoveel subtiele manieren, waarop het komende kind zich kenbaar maakt aan de ouders en van tevoren alvast boodschappen doorgeeft. Een moeder hoorde plotseling in meditatie een kinderstem zeggen: Wees maar niet bang, het lijkt eerst wel slechter te gaan, maar het wordt alleen maar beter. De moeder wist meteen dat het haar komende kind was, die haar deze boodschap doorgaf. Deze ervaring maakte een diepe indruk op haar. Het gaf haar houvast, toen zij en haar man

na de geboorte van hun dochter ernstige problemen kregen die zelfs op een scheiding uitliepen. Maar uiteindelijk bleek die scheiding haar de ruimte te geven zichzelf te worden en het haar mogelijk te maken al haar verborgen kanten te leren kennen en te ontdekken. En toen ze, na een tijd van diepgaande veranderingen in zichzelf, een nieuwe man leerde kennen, vond ze bij deze partner de rust, het vertrouwen en, de inspiratie die ze bij haar eerste partner nooit gevonden had. Toen ze me dit alles vertelde, sloot ze haar verhaal af met de woorden: Ja, ik kan alleen maar de boodschap van mijn dochter bevestigen dat het uiteindelijk alleen maar beter zou worden.

De hulp die ouders aan hun nieuwetijdskind mogen geven.

Het transformatieproces, waarin ouders van een nieuwetijdskind soms terecht komen, is voor het kind heel belangrijk. Het kind heeft namelijk een sterke verbinding met de geestelijke wereld: het wéét dingen die voor anderen verborgen zijn. En het heeft ouders nodig die hem kunnen bijstaan bij het verwerken en begrijpen van deze ervaringen. Wat betekenen die ervaringen? Wat zijn goede ervaringen, en wat niet? En als je angstige ervaringen krijgt en bijvoorbeeld duistere entiteiten ziet, hoe moet je daar dan mee omgaan? En als je aan diens aura ziet dat een volwassene in jouw omgeving binnenkort zal gaan sterven, wat moet je dan met die informatie? En als je plotseling je gestorven opa of oma in de kamer ziet staan, mag je daar dan thuis onbevangen over praten, omdat je ouders dit soort ervaringen begrijpen en een plaats kunnen geven in hun hart? Dit zijn nog maar een paar vragen, waarmee heel wat nieuwetijdskinderen in onze tijd geconfronteerd worden. Het zal duidelijk zijn, hoe belangrijk het voor hen is om ouders te hebben die hen juist bij deze vragen een beetje kunnen begeleiden en die hen wegwijs kunnen maken in de geestelijke wereld die voor hun kind werkelijkheid is: ze kijken immers regelmatig door de sluier die andere wereld binnen.

Ouders kunnen hun kind in dit opzicht echter alleen bijstaan,

als ze zelf geleerd hebben voor deze dingen open te staan en die

te begrijpen. Vandaar dus dat het transformatieproces, waar ze na de geboorte van hun kind soms doorheen gaan, zo belangrijk is. Overigens gaat dat leerproces meestal vanzelf: ik ken heel wat ouders die, als het ware wakker geschud door hun kind, het ene boek na het andere gingen lezen en de ene cursus na de andere bezochten om maar te kunnen begrijpen. Er ontstond in hen een diep verlangen om te begrijpen.

En hoe druk ze het ook hadden met de verzorging van hun kind(eren), tussendoor vonden ze steeds weer momenten en ogenblikken om te kunnen lezen en zo de honger van hun ziel

te kunnen bevredigen. Belangrijk is ook dat ouders bij hun eigen transformatieproces het belang van aarden of gronden leren kennen: hoe kun je met beide benen op de grond blijven staan, terwijl je steeds gevoeliger wordt voor die andere, geestelijke wereld? Als ouders zelf geleerd hebben hoe ze dat kunnen doen: aarden en gronden, dat kunnen ze dat spelenderwijs ook hun kinderen bijbrengen. En tenslotte is het belangrijk dat ouders hun kind kunnen leren om vol eerbied met hun geestelijke, helderziende, helderhorende of heldervoelende ervaringen om te gaan. Alleen wie eerbiedig en respectvol met deze dingen omgaat, zal in die houding als vanzelf bescherming vinden tegen negatieve ervaringen en duistere entiteiten. Als je dit alles eens in alle rust tot je laat doordringen, wordt het waarschijnlijk al wat duidelijker, hoezeer het nieuwetijdskind zijn ouder(s) een nieuwe wereld binnen voert. Ook wordt dan, vermoed ik, de zin van dat transformatieproces duidelijk, waarin je kind je als vanzelf betrekt.

Een zorg die ik met u wil delen Misschien is dit het juiste moment om een bepaalde zorg met u, mijn lezeressen en lezers, te delen.

Om die zorg toe te lichten, eerst het volgende: de eerste generaties nieuwetijdskinderen hebben de ogen van vele geopend voor de realiteit van de geestelijke wereld. Steeds meer mensen beginnen te beseffen dat dood niet dood is, maar dat het leven aan de overkant van de dood voortgaat. Steeds meer mensen ervaren het contact met een gestorven geliefde. Steeds meer mensen realiseren zich dat er werkelijk geestelijke wezens bestaan, engelen, die voor ons willen zorgen en ons willen begeleiden en bijstaan. Steeds meer mensen raken vertrouwd met vorige levens, met karma en met regressie. Je zou deze groeiende openheid in onze samenleving voor deze nieuwe inzichten de eerste stap kunnen noemen in het grote transformatieproces waar de aarde en de mensheid op dit moment doorheen gaat.

Nu volgt de tweede fase: die houdt in dat wij nu vervolgens ook leren om met deze nieuwe inzichten ook werkelijk in een sfeer van grote eerbied en ernst om te gaan en ze niet op een goedkope manier te misbruiken. In dit laatste geval ontstaat namelijk een gevaarlijk en duister occultisme. En dat ontstaat overal daar, waar mensen deze nieuwe mogelijkheden, begaafdheden en inzichten alleen maar gebruiken in de sfeer van het eigenbelang.

Een gevaarlijk occultisme ontstaat daar, waar mensen bijvoorbeeld helderziendheid alleen maar gebruiken om snel rijk te worden of om de aandacht te trekken. Het ontstaat daar, waar mensen erop uit zijn om met de doden te communiceren zonder te beseffen, hoeveel kwaad je hen kunt aandoen, wanneer je ze uit eigenbelang naar je toehaalt. Ook ontstaat dit negatieve occultisme daar, waar mensen er vooral aan verdienen willen en hun begaafdheden op dit vlak dus in de sfeer van het ego en de daarbij behorende hebzucht gaan gebruiken.

De tweede fase van het grote transformatieproces dat wij nu doorleven, zal dan ook een wereldwijde worsteling inhouden om de nieuwe begaafdheden en inzichten die de nieuwetijdskinderen ons aanreiken, op een eerbiedige en respectvolle manier te leren gebruiken en wel in de sfeer van ons hoger zelf. Iedereen die daartoe bereid is, zal, net als ouders van nieuwetijdskinderen dat in deze tijd ervaren, al doende ontdekken dat je dan allereerst met jezelf aan de slag zult moeten gaan. Dat je je angsten eerlijk onder ogen zult moeten durven zien en die zult moeten leren loslaten. Dat je de muren om je hart zult moeten onderkennen en dat je die zult moeten afbreken. Dat je eerlijk naar jezelf moet leren kijken en ga zo maar door. Alleen als we bereid zijn aan onszelf te werken, en steeds weer bereid zijn om te zoeken hoe we het meesterschap over ons ego kunnen verwerven, zal het ons lukken de nieuwe begaafdheden en de nieuwe inzichten die nieuwetijdskinderen ons aanreiken, in de juiste sfeer van het hoger zelf te gebruiken.

Ik hoop dat ook dat we in de nabije toekomst deze ene vraag steeds weer met elkaar zullen bespreken, met elkaar onder ogen zullen zien en in ons eigen leven centraal zullen stellen: Hoe ga ik op een juiste en zinvolle manier om met de nieuwe inzichten van deze tijd?

Hans Stolp


Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Facebook

Hans Stolp Vriendengroep

rentosoSpda5hmt5f4h1u93i3939i0e6cf729f9810i6u3a2 lmm10a61793 ·

Over onszelf

“Nieuwetijdskinderen, de voorboden van een nieuwe tijd”

Ter afsluiting:

Antwoord op vele vragen

Een tijd geleden, op een Themadag over Nieuwetijdskinderen in

Amersfoort, merkte ik, hoezeer dit thema leeft, en hoe vaak ook ouderen zich herkennen in de beschrijving van deze kinderen.

In de pauzes vertelden sommigen mij dat door deze lezing allerlei ervaringen uit hun leven op hun plek gevallen waren en dat ze zichzelf nu veel beter begrepen en daarom zichzelf ook beter konden accepteren… Dat zijn indrukwekkende uitspraken!

Tussendoor werden mij briefjes met vragen in de hand gestopt,

terwijl anderen mij heel direct een vraag stelden. Gezien al deze reacties leek het mij goed een aantal van die vragen nog eens in alle rust in ons blad “Verwachting” aan de orde te stellen.

Laat ik dat gewoon maar doen in de vorm van vragen en het antwoord, zoals het op die dag ook gebeurde.

Vraag 1.

Hoe komt het dat nieuwetijdskinderen intuïtief allerlei dingen weten van een ander, zonder dat hen dat ooit verteld is?

Antwoord

Alle mensen hebben niet alleen een fysiek lichaam, maar ook

een geestelijk lichaam, dat eigenlijk uit twee delen bestaat, het etherische en het astrale lichaam. Gewoonlijk zit dit geestelijke lichaam als het ware strak om het fysieke lichaam gevouwen. [1]

Je zou het kunnen vergelijken met een duikerspak dat strak om

het lichaam heen gevouwen zit. Maar als dat geestelijke lichaam wat losser komt te zitten, als het gaat lubberen, zeg ik wel eens gekscherend, wat bij nieuwetijdskinderen het geval is, heeft dat

allerlei ingrijpende gevolgen. Want volgens de esoterische

traditie ontstaat helderziendheid, wanneer het geestelijke lichaam wat meer loskomt van het fysieke lichaam en er niet meer zo strak mee verbonden is. Daarom worden stervende mensen ook vaak helderziend en zien ze bijvoorbeeld degenen die hen komen ophalen: omdat hun geestelijke lichamen bij het sterven los beginnen te raken van het fysieke lichaam.

Dat zoveel nieuwetijdskinderen allerlei verschillende helderziende

ervaringen hebben, is in wezen dan ook vanzelfsprekend: het is

het gevolg van dat soepel geworden geestelijke lichaam.

Wat ik nu beschrijf is overigens een heel bijzondere en ingrijpende

ontwikkeling die verstrekkende gevolgen heeft. Want dankzij dat soepel geworden geestelijke lichaam zijn nieuwetijdskinderen ook nog tot iets anders in staat. Ze kunnen namelijk, wanneer ze in gesprek zijn met een ander, of wanner ze op iets of iemand hun aandacht richten, hun geestelijke lichaam onbewust zo uitvouwen, vergroten, uitzetten, of hoe je dat ook maar noemen wilt, dat ze

de ander in hun geestelijke lichaam kunnen opnemen.

Maar wanneer dat gebeurt, zijn ze met de ander verbonden door eenzelfde energie, of, anders gezegd, leven ze beiden voor een moment in eenzelfde geestelijke lichaam. Daardoor stroomt niet alleen het innerlijk wéten van de een naar de ander, maar daardoor is het nieuwetijdskind ook in staat de gevoelens van de ander zonder woorden mee te voelen. En wel zó mee te voelen, dat het lijkt alsof het zijn eigen gevoelens zijn.

De bijzondere, telepathische gevoeligheid van het nieuwetijdskind,

d.w.z. een aanvoelen dat geen woorden nodig heeft, is dus het gevolg van die nieuwe ontwikkeling dat bij nogal wat jongeren in onze tijd dat geestelijke lichaam wat losser is komen te zitten. Nieuwetijdskinderen hebben daardoor een gevoeligheid of een aanvoelingsvermogen dat veel sterker is dan dat van vorige generaties.

Vraag 2.

Waarom kunnen nieuwetijdskinderen eigenlijk zo moeilijk

voor zichzelf opkomen?

Antwoord

Nieuwetijdskinderen voelen, zoals gezegd, de ander zó sterk aan dat het vaak lijkt alsof de gevoelens van de ander hun eigen gevoelens zijn. Het is begrijpelijk dat ze zich daardoor goed kunnen verplaatsen in de ander en meteen een groot begrip hebben voor de ander. Daardoor zijn de meeste nieuwetijdskinderen direct bereid om die ander op alle mogelijke manieren te helpen en bij te staan. Ze voelen immers, hoe zwaar de ander de angst, het verdriet en zo, vallen en ze kunnen en ze willen daarom de ander op alle mogelijke manieren verlichting geven. Hun verscherpte aanvoelingsvermogen leidt dus tot een groter mededogen,

een grotere compassie.

Maar bij dit alles zijn nieuwetijdskinderen nogal eens zo sterk op

de ander gericht, dat ze zich helemaal niet afvragen of de hulp die ze de ander als vanzelf aanbieden, wel goed voor hen zelf is. Ze letten er niet op of ze met die hulp misschien wel hun eigen grenzen overschrijden. Sterker gezegd: de meeste kinderen gaan regelmatig ver over hun grenzen heen en beschermen zichzelf te weinig.

Daarnaast zal het duidelijk zijn, denk ik, dat het voor veel nieuwetijdskinderen moeilijk is om alles, wat ze zonder woorden van de ander aanvoelen en meekrijgen, een vaak te zware belasting betekent. Niet voor niets zijn jonge nieuwetijdskinderen nogal eens heel druk, beweeglijk en chaotisch: dat is hun manier om dat teveel aan indrukken en gevoelens die ze binnenkrijgen, af te reageren.

Bij de opvoeding is het dus belangrijk nieuwetijdskinderen te helpen zich van dit alles bewust te worden. Het is belangrijk hen

te leren hoe ze hun eigen grenzen wat beter kunnen bewaken.

Het is belangrijk hen te helpen wat vaker in alle rust nee te zeggen, hoe moeilijk dat voor een nieuwetijdskind ook is: hoe kun je nu nee zeggen tegen iemand wiens verdriet, onmacht, enzovoorts

je zojuist in alle scherpte en hevigheid zelf ervaren hebt?

Ook is het belangrijkom nieuwetijdskinderen te leren hoe ze zich wat beter kunnen afsluiten. Bijvoorbeeld door het visualiseren van een gouden cirkel van licht om hen heen. Maar besef wel: welke middelen je ook aanreikt om wat beter met die gevoeligheid om

te gaan, ze blijven een uitgesproken aanvoelingsvermogen houden, en dat is zowel hun heel bijzondere kracht en schoonheid, als hun zwakte…

Vraag 3.

Waarom hebben de meeste nieuwetijdskinderen problemen op school?

Als antwoord op die vraag zie ik tenminste drie oorzaken:

1.Allereerst hangt dat natuurlijk samen met hun uitgesproken gevoeligheid: op school doen ze zoveel indrukken van de andere leerlingen, van de leerkrachten en van de omgeving op, alleen al, die hoeveelheid indrukken, heel veel van aandacht en energie vergt. Je zou kunnen zeggen dat ze op school nogal eens aan een bombardement aan indrukken bloot staan. Dat moeten we niet onderschatten: de oudere generatie die zelf niet over deze gevoeligheid beschikt, kan meestal niet begrijpen welke enorme belasting die gevoeligheid voor nieuwetijdskinderen inhoudt.

Ze voelen haarscherp aan dat de meester of de juf niet goed in zijn/haar vel zit, en eigenlijk willen ze er meteen van alles aan doen zodat meester en juf weer vrolijk en zichzelf worden. Ze voelen het haarscherp aan als een leerkracht net een verdrietige ervaring heeft meegemaakt: ze weten het allang voordat het misschien ooit uitgesproken wordt. Ze voelen de buikpijn van een medeleerling(e) en krijgen zelf buikpijn. Ze voelen de verborgen boosheid van een ander kind, en worden daar zelf opstandig en onrustig van.

Kleine groepen of klassen en een rustige sfeer zijn dan ook van levensbelang voor het nieuwetijdskind.

2. De tweede oorzaak is dat het merendeel van deze kinderen alleen voelend kan leren. Ze kunnen namelijk alleen dat vatten en in zich opnemen wat ze ook navoelen kunnen. Louter intellectuele kennis gaat er bij de meeste van deze kinderen niet in. Wanneer je hierbij stil staat, kom je al gauw tot de conclusie: hier is in wezen een revolutie gaande! Want mijn generatie is de laatste generatie van een tijd, waarin het vooral ging om het ontwikkelen van het logisch denken, van het verstand dus. Maar de nieuwe generatie heeft de opdracht gekregen om denken en voelen met elkaar te verbinden. Daarom zijn ze zo uitgesproken gevoelig. En daarom kunnen ze alleen opnemen wat ze ook met hun gevoel kunnen omarmen.

Ooit droomde ik dat mijn generatie het getal 9 heeft, en de nieuwe generatie het getal 1. Een opmerkelijke aanwijzing. Want 9 is het laatste getal van de reeks van 1 tot 9: met 10 begint er een immers een nieuwe reeks. Mijn generatie is dus de laatste van een oude ontwikkeling. Maar de nieuwe generatie begint met een heel nieuwe ontwikkeling; daarom krijgt zij het getal 1 mee.

Nu is ons onderwijs nog steeds gestoeld op de oude generatie en op wat goed was voor die generatie. Het moet nog helemaal omgevormd worden zodat het ook geschikt wordt voor de nieuwe generatie. Daarom lopen zoveel nieuwetijdskinderen vast in het onderwijs: zij hebben de opdracht om heel concreet te laten zien dat het huidige onderwijs (uitzonderingen als de Vrije School en het Montessori onderwijs daargelaten) niet meer past bij de nieuwe mensheid die er nu aankomt.

Begrijp je nu, waarom er dikwijls wordt gezegd dat nieuwekindskinderen een offer brengen door nu al te incarneren? Ze incarneren immers in een tijd die nog helemaal niet op hen toegesneden is. Als ze gingen voor het eigen belang, hadden ze beter wat later kunnen incarneren. Dat ze dat niet doen, laat zien dat ze niet aan het eigen belang gedacht hebben en dat ze bereid

zijn persoonlijke offers te brengen om ons ervan bewust te maken dat niet alleen het onderwijs, maar bijvoorbeeld ook de politiek en de economie totaal omgevormd moeten worden.

3.De derde oorzaak is deze: nieuwetijdskinderen denken in beelden; zeg maar: in plaatjes. Maar de oude generatie denkt grotendeels nog in woorden. Ook dat is in wezen een enorme revolutie. Dit denken in beelden heeft onder andere als gevolg

dat de computer uitstekend past bij de nieuwe generatie: die werkt immers met beelden ofwel icoontjes. Hetzelfde geldt voor sms-jes, waarbij in de taal zelf steeds meer beelden worden opgenomen.

Het is boeiend om te beseffen dat een mens die in woorden denkt, heel wat trager denkt dan een mens die in beelden denkt: per seconde kan een mens 2 tot 5 woorden denken, maar in diezelfde seconde kan een nieuwetijdskind 32 beelden door zich heen laten gaan! Het onderwijs zal zich fundamenteel aan al deze veranderingen moeten aanpassen; het zal nog heel wat ellende kosten voordat dit tot in de politiek toe duidelijk is geworden en

er een totale verandering van het onderwijssysteem komt!

Vraag 4.

Volwassen nieuwetijdskinderen kunnen soms zo grillig reageren.

Ze kunnen bijvoorbeeld heel abrupt een einde maken aan een jarenlange relatie. Waarom reageren ze zo grillig?

Antwoord

De meeste volwassen nieuwetijdskinderen hebben een groot geduld met anderen. Ze zijn dan ook uitstekende verzorgers voor mensen met een beperking, bedlegerige mensen, mensen die in hun verstandelijke ontwikkeling gehandicapt zijn: ze zijn bij nieuwetijdskinderen in goede handen. Dat komt door het sterk ontwikkelde mededogen dat hen eigen is. Ze hebben daardoor

ook een groot geduld met de fouten die anderen maken, en gaan daarbij nog wel eens over hun eigen grenzen heen. Als. je als ouder bijvoorbeeld steeds weer dezelfde fout maakt; ongeduld, onbegrip, zelftwijfel en zo, dan kunnen nieuwetijdskinderen dat heel gemakkelijk accepteren. Tenminste, als je als ouder dan wel bereid bent je excuus uit te spreken. Dit geldt zowel voor de jongere als de volwassen nieuwetijdskinderen. Maar bij volwassen nieuwetijdskinderen kun je nog wel eens meemaken dat er een moment komt, waarop dat volwassen nieuwetijdskind ineens inziet: de ander zegt wel sorry, of ik heb er spijt van, of zoiets,

maar de ander is helemaal niet bereid écht naar zichzelf te kijken. Die is helemaal niet bereid om te veranderen en zichzelf te corrigeren. En als dat ineens tot een nieuwetijdskind doordringt, dan lijkt het wel alsof er iets breekt vanbinnen: dan kunnen ze op hetzelfde moment niet meer verder met de ander. Het eindeloze geduld is van het ene moment op het andere helemaal op.

Het gevolg is dat ze op datzelfde moment breken met de ander. Voor de ander en de omstanders kan dat heel abrupt overkomen en zelfs wel grillig: gisteren was je nog zo aardig tegen me, en nu wil je ineens niets meer met me te maken hebben; hoe is dat mogelijk? Maar zelfs als het nieuwetijdskind nog verder zou willen met die ander, dan kán zij of hij het gewoon niet meer:

alles vanbinnen komt in opstand bij die gedachte.

Ik heb dit bij verschillende lezingen uitgelegd, en steeds kwam er na afloop wel iemand naar me toe die vertelde dat hij of zij nu eindelijk begreep waarom hij of zij zo plotseling met een ander gebroken had. Jarenlang, zeggen ze dan meestal, liep ik met een schuldgevoel daarover rond, maar nu heeft deze gebeurtenis vanbinnen een plek gekregen, omdat ik eindelijk begrepen heb, waarom ik toen zo abrupt handelde. Niet alleen buitenstaanders, ook de nieuwetijdskinderen zelf hebben dus last van dat abrupte.

Ze moeten leren veel eerder hun grenzen aan te geven: wie dat doet, zal niet overvallen worden door die plotselinge allesoverheersende impuls vanbinnen om te kappen met een bepaalde relatie. Ze hebben immers al te lang verdragen,

al te lang geslikt…

Vraag 5.

Nieuwtijdskinderen worden vaak de boden van een nieuwe tijd genoemd. Hoe komt het dan dat ze zo vaak depressies hebben, onder allerlei angsten lijden of allerlei vreemde pijnklachten hebben?

Antwoord

Eigenlijk is het antwoord op deze vraag vanuit het voorgaande logisch: ze komen met een verfijnde energie naar een wereld die

in wezen die energie nog niet begrijpt en nog niet aan kan. Denk bijvoorbeeld aan het feit dat het voor nieuwetijdskinderen heel vanzelfsprekend is dat wij streven naar vrede en naar

rechtvaardigheid. Ze begrijpen dan ook helemaal niet waarom mensen elkaar naar het leven staan. Ze begrijpen de oorlogen niet. Ze begrijpen evenmin de vele vormen van onrechtvaardigheid

die voor andere mensen misschien vanzelfsprekend zijn, maar die nieuwetijdskinderen niet verdragen. Het is belangrijk dat wij ons realiseren dat nieuwetijdskinderen moeten leven in een wereld die in wezen nog helemaal niet klaar is voor dit nieuwe mensenkind. Alleen al vandaar uit is het logisch dat veel nieuwetijdskinderen depressief worden of met allerlei angsten rondlopen. Ze hebben dikwijls het gevoel dat er geen plaats voor hen is, dat ze hier niet passen op aarde en dat andere kinderen en mensen hen niet écht begrijpen. Ook hebben ze er een gruwelijke hekel aan dat ze allerlei dingen moeten doen, zoals in het onderwijs allerlei dingen leren die ze onzinnig vinden, die hen tegenstaan en die niet bij hen passen. Nu, van al dit soort ervaringen zou iedereen depressief van worden! Omdat ze met een verfijnde energie gekomen zijn, wordt ook hun lichaam met deze fijnere energie doortrilt. Daardoor verdraagt dit lichaam allerlei dingen niet die anderen nog steeds vanzelfsprekend vinden. Ze krijgen heel gauw allergieën van allerlei chemische troep die tegenwoordig in de meeste gewone levensmiddelen verstopt zit, niet alleen in voedingsmiddelen maar ook in shampoo en noem maar op. Ze hebben last van de straling die tegenwoordig in vele vormen op ons afkomt. Nieuwetijdskinderen zijn meestal zeer gebaat bij biologisch voedsel: de zuiverheid en natuurlijkheid van dat voedsel sluiten het beste aan bij hun verfijnde lichaamsenergie. Vaak merken we dat het eten van vlees hen niet goed doet: dat trekt hun energie nog verder naar beneden dan in het gewone leven al gebeurt.

In wezen laten nieuwetijdskinderen met al hun klachten zien dat deze maatschappij niet deugt: in politiek opzicht niet, economisch niet, op voedselgebied niet, in het onderlinge samenleven niet en ga zo maar door. Kennelijk moet de samenleving steeds meer vast gaan lopen doordat steeds meer Nieuwetijdskinderen uit de boot vallen, voordat het werkelijk tot iedereen begint door te dringen wat er aan de hand is.

Wat nieuwetijdskinderen willen, en wat bij hun wezen en hun energie past, is een nieuwe wereld:

a. Een wereld, waar alle mensen één zijn, en niet langer denken in termen van etiketten: jij bent een christen, jij een moslim, jij bent wit en jij bent bruin. Nieuwetijdskinderen denken niet in etiketten.

b. Een wereld, waar ook de politiek niet langer uitgaat van verschillende, elkaar bestrijdende partijen, maar waar de verantwoordelijke politici werkelijk samen gaan werken met respect voor elkaar. Politieke partijen zullen dan ook verdwijnen in een tijd waarin nieuwetijdskinderen het voor het zeggen krijgen.

c. Een wereld, waar de economie niet langer alleen zaligmakend is,

maar het welzijn van mens en dier voorop staat.

d. Een wereld, waar het onderwijs er niet op gericht is te presteren en toetsen te halen, maar waar een kind kan ontdekken wie het is en wat hun kwaliteiten zijn, waarmee zij de samenleving verrijken mogen.

c. Een wereld, waar de biologische landbouw en veeteelt vanzelfsprekend zijn geworden.

d. Een wereld, waar huidskleur, religie, etnische afkomst en seksuele voorkeur de mensen niet langer verdelen, maar gezien worden als een verrijking van het menselijk leven op aarde.

e. dus een wereld, waarin het gaat om liefde, om liefde alleen, en waar niet langer geld, macht en eigenbelang de leidraad van ons handelen zijn, maar alleen de liefde.

Nieuwetijdskinderen, ze zijn de voorboden van een nieuwe tijd

die zeker komen gaat!

Hans Stolp

[1] Als ik nauwkeurig wil zijn, moet ik zeggen dat

het geestelijke lichaam het fysieke doortrekt

en vrij ver daarbuiten uitsteekt.